Met ongeveer 45.000 klanten in Almere is de Rabobank meer dan behoorlijk geworteld in de stad. Als het aan directievoorzitter Nathal van Rijn ligt wordt, de bank ook ’de motor van de stad’.
Vorige week vierde de bank haar 35-jarige bestaan in Almere. Gezien de economische crisis gaat het volgens Van Rijn niet slecht. ,,Met de bank gaat het goed. We hebben de afgelopen 35 jaar voornamelijk geïnvesteerd in de groei van de bank en de kredietverliezen vallen op het moment erg mee. We hebben wel iets moeten doen om de kosten te drukken en dat hebben we in 2009 al gedaan. We hebben dus nu weer iets meer financiële ruimte om dingen te ondernemen.’’
Eén van de dingen die Van Rijn wil is dat er meer in de stad wordt gedaan. Hij ziet dat zelfs als een opdracht. ,,Als het goed gaat met Almere dan gaat het ook goed met ons. We willen iets terug geven aan de stad, dat doen we ook al, maar we moeten wel uitkijken dat we niet op de stoel van de overheid gaan zitten. Dat mensen niet gaan denken dat wij dat wel even doen. Ik merk bijvoorbeeld dat instellingen bij wie de subsidie op de tocht staat of is weggevallen, bij ons aankloppen. Dat kunnen we niet zo maar doen.
Ik ben daarom bezig met het opzetten van een stadsfonds waar de grotere bedrijven dan aan mee kunnen doen. Het gaat dan om 25.000 euro die de grootste veertig bedrijven moeten inleggen. Ik denk dat het zo’n groot bedrag moet zijn omdat bedrijven dan bij de besteding van het geld betrokken willen zijn en niet zo maar doneren. Van dat geld willen wij twee keer per jaar een project steunen die Almere sociaal en economisch vooruit helpen. Dat kan van alles zijn. Van leertrajecten voor bijstandmoeders tot en met een onderzoek naar de haalbaarheid van de Floriade’’, geeft Van Rijn weer.
De directievoorzitter hoopt met het fonds dat de betrokkenheid van de grotere bedrijven bij Almere groter wordt. Het gebrek aan betrokkenheid is namelijk iets wat hij in de bijna drie jaar dat hij hier werkt, opvallend vindt. ,,Dat komt ook doordat veel directeuren niet in Almere wonen. Bij-effect van dat fonds is dan dat we elkaar ook vaker spreken.’’
Dat de Rabobank met de stad is meegegroeid en hier al bijna net zo lang zit als de stad bestaat, maakt dat Van Rijn een goede vergelijking kan maken met vroeger en nu. Volgens hem geldt de wet niet meer dat wanneer het goed gaat in Nederland, het beter gaat in Almere en dat wanneer het slecht gaat in het land, het slechter gaat in de stad. ,,Ik heb in ieder geval niet het idee dat het nu slechter gaat in Almere dan in de rest van Nederland. Dat is een gevoel hoor, maar ik denk het Almeerse bedrijfsleven daarin wel een volwassenheid heeft ontwikkeld.’’
Waar Almere en dan vooral de gemeente wel meer volwassen in kan worden, is volgens hem dat de gemeente niet meer alles moet willen regelen. Iets wat wethouder Ben Scholten van Economische Ontwikkeling en een voorganger van Van Rijn bij de Rabobank ook regelmatig roept. ,,Klopt, maar er is een verschil tussen roepen en doen. Ik spreek regelmatig ondernemers en die zeggen mij dat het moeilijk is zaken voor elkaar te krijgen. Ik vind dat de gemeente nog onvoldoende ondersteunend bezig is voor de economische activiteiten in de stad. Natuurlijk moet de stad economisch nog meer groeien.
Ik heb echter het gevoel dat de gemeente erg weinig doet met de signalen die ze krijgt vanuit het bedrijfsleven. Maak het nou eens waar dat het hier kan’’, besluit de directievoorzitter |